Vier wegen, soms drie, soms meer…

15 januari 2012 · Door Jeroen Sweijen · Algemeen, Cultureel, Taal

Je zou zeggen dat een kruispunt van wegen een ideale plek is voor het stichting van een nederzetting. En dat klopt ook, al hebben die kruispunten relatief weinig toponiemen opgeleverd. Waarschijnlijk was het verschijnsel te gewoon, en daardoor niet onderscheidend genoeg om een plaats te benoemen. Wel is het een verschijnsel dat erg vaak voorkomt in de microtoponymie (namen van buurtschappen, gehuchten, boerderijen), maar die zijn vaak van recenter datum. Dit artikel gaat over plaatsnamen die teruggaan op een woord voor kruispunt – en waarvan je kunt verwachten dat ze gesticht zijn op een plek waar twee (of meer) wegen elkaar kruisten.

Het huidige Frans gebruikt carrefour, dat we vaak terugvinden in namen van buurtschappen als Le Carrefour, maar niet in dorpsnamen. Dit woord gaat terug op Latijn quadrifurcum, letterlijk ‘vier vorken’. Het Oud-Frans gebruikte echter niet dit woord, maar carroge of carrouge, dat teruggaat op het Romaanse quadruvium, een bijvorm van het Volkslatijnse quadrivium. Te begrijpen: vier wegen, dus kruispunt. Dit carro(u)ge heeft wél een aantal toponiemen opgeleverd: Carrouges (61) natuurlijk, bekend van het kasteel, maar ook Charroux (86, in 876 Karrofium) en Quarouble (59), met lokaal beïnvloede andere fonetische ontwikkelingen. Carrouge komt ook vaak voor als microtoponiem, in een brede band in de noordelijke helft van Frankrijk, bijvoorbeeld in Saint-Germain-de-la-Coudre (72) of Gevingey (39). Niet altijd werd deze vorm goed begrepen door de kadasterambtenaren die namen moesten optekenen: zo vinden we in de buurt van Orléans een aantal gehuchten met de bijzondere naam Le Cas Rouge – maar dat is slechts een verkeerde schrijfwijze voor carrouge. Regionale varianten, beïnvloed door de plaatselijke taalontwikkelingen, zijn bijvoorbeeld Le Quéroy (16), Le Quéreux (17) en Le Queyroix (87). In de Loirestreek vinden we vaak de vorm Le Carroir (36, 37, 41) en ook de bekende Rue du Grand-Carroi in Chinon (37) heeft deze oorsprong, net als de in Limoges  (87) bekende kerk Saint-Pierre-du-Queyroi.

Het idee dat op een kruispunt vier wegen samenkomen wordt ook weergegeven door de Keltische vorm petro-, die vier betekende. In samenstelling met het Keltische woord ‘mantulo’ (weg) levert dit bijvoorbeeld de plaatsnaam Pierremande (02) op, in 867 vermeld als Petromantula. Petromantulum vinden we ook terug als oude vorm voor een plaats die vervolgens in de Tabula van Peutinger wordt vermeld als Petroviacum (= vier wegen, ook weer te begrijpen als kruispunt). Tegenwoordig heet deze plaats Saint-Clair-sur-Epte (95): hier was vroeger inderdaad een belangrijk kruispunt van twee Romeinse wegen. Met het Keltische achtervoegsel –acum dat een nederzetting aanduidt vinden we petro- ook terug in Parcé-sur-Sarthe (72, in 770 parriciacus), Perrecy-les-Forges (71, gelegen op een notoir oud kruispunt) en Parcieux (01), namen die waarschijnlijk ook ‘plaats bij/op een kruispunt’ betekenen.

Wanneer er slechts drie wegen bij elkaar kwamen, kon het Volkslatijn ook het woord trivium gebruiken, kruispunt van drie wegen. Trévoux (01) en Trèves (69) gaan waarschijnlijk terug op dit woord, en ook een aantal gehuchten, waaronder Croix-Trévingt (42, gem. Arcon), eigenlijk een pleonasme, want Croix kan ook een kruispunt aanduiden. Trévoux en Parcieux zijn slechts enkele kilometers van elkaar verwijderd: zelfde inspiratie bij de naamgeving?

Het werd hierboven al terloops vermeld: Croix geeft natuurlijk ook het idee van een kruispunt weer. Het is echter onduidelijk, bij de meeste buurtschappen of dorpen die La Croix heten, of het gaat om het kruis als christelijk symbool of een kruispunt. Of heeft het eerste het tweede beïnvloed? Een geschiedenis als de kip en het ei: wie was er eerst…   Toch liggen veel buurtschappen La Croix op een kruispunt. Zo ook het dorp La Croix-en-Brie (77), maar oorspronkelijk was hier een kapel (in 700 vermeld als Crux capella), tegenwoordig een kerk, gewijd aan het Heilig Kruis. Zo wordt het wel erg ingewikkeld te zeggen welke betekenis de oorspronkelijke was! Afleidingen van croix komen ook voor als dorpsnaam, bijvoorbeeld La Croixille (53, in de 12e eeuw Crucilia), La Croisette (26) of Crouseilles (64).

Naast het kruis komt ook de vork, la fourche, voor als metafoor om een kruispunt aan te duiden. Dat levert echter een ander probleem op: een fourche kon ook een galg aanduiden. Zo is het van de gehuchten Fourches in Fontaine-Fourches (77) en Limoges-Fourches (77) niet duidelijk of het gaat om een kruispunt of een plek waar een galg stond. Hetzelfde geldt voor Fourches (14), Fourche (38), en, met de volgens de Gasconse klankwetten in een h- veranderde f-, Lahourcade (64). Het woord is zeldzaam in samenstellingen: Fourquevaux (31, in 1428 Forquas Vals).

Als recentere beeldende namen komen ook nog voor, vooral als naam van buurtschap of van een geïsoleerde woning: L’Embranchement, met het idee van aftakking (branche = tak), La Patte-d’Oie (17, 85) en Le Plessis-Patte-d’Oie (60), met het beeld van een ganzenpoot. Étoile wordt vaak gebruikt Place de l'Étoile à Parisvoor een kruispunt waar meer dan vier wegen samenkomen, vaak in een uitgestrekt bos (L’Étoile-Notre-Dame, gem. Sauvigney-lès-Gray (70), éénmaal in een officiële gemeentenaam: Marcy-l’Étoile (69), en natuurlijk het beroemde plein in Parijs, al heet dat tegenwoordig niet meer officieel Place de l’Étoile.

 

NB: Mocht de Franse toponymie u interesseren, dan kan ik u ook uitnodigen lid te worden van de Facebook-pagina Un toponyme par jour, waar geregeld een Franse plaatsnaam uitgelegd wordt, compleet met oude vormen.

→ Geen reactiesTags: ··

Saint-Sylvestre met oliebollen

5 januari 2012 · Door Joep Altona · Algemeen, Culinair

Achteloos nodigden we enkele vrienden uit voor oud en nieuw. Daarna sloeg de paniek toe. Oud en nieuw met Fransen, dat heeft niets van doen met oliebollen en champagne. Dat is aperitief, voorgerecht, hoofdgerecht, kaas, dessert, fruit, koffie en champagne. En dan het liefst met oesters, foie gras, een kapoentje of een eend, een bûche en veel chocolade.
Wij houden niet van koken en zijn er niet erg bekwaam in, laat staan dat we traditionele gerechten net zo goed zouden kunnen klaarmaken als de Fransen. Onze vrienden weten dat ook en voorzagen kennelijk een culinaire ramp, want de één bood aan een voorgerecht mee te nemen – een zelf gekookte foie gras de canard met blini’s en confiture d’oignons; ongevraagd kwam een ander aanzetten met een forêt blanche, een prachtige en overheerlijke taart waarbij onze tiramisu wel zeer zielig afstak.
Voor de grap hadden we de onvermijdelijke Bordeaux ingeruild voor een zeer smakelijke Chianti; hoewel niemand er hardop iets van zei, viel dat niet in goede aarde. Onze eendenreepjes met paprika, curry, kokosmelk en Chinese noedels werd ook zuinigjes opgeschept.
De oliebollen, die vielen in de smaak. Wij waren van plan geweest daarbij een crémant de Bourgogne open te trekken – wij blijven Nederlanders, ons ben zunig en wij hebben het verschil met champagne nog niet ontdekt – maar daar stak de echtgenoot van de forêt blanche een stokje voor: hij had echte champagne meegenomen. Een crémant is niet chic genoeg op Saint-Sylvestre.
Morgen is het driekoningen en de komende weken wordt er steevast tijdens de apéritief een galette des rois (een taart met een beeldje erin, de fève) verorberd en cider gedronken. Wij vinden cider niet lekker en nemen op de dorpsborrel rustig een crémant mee. Onze dorpsgenoten vinden dat maar raar. Een crémant is te chic voor driekoningen…

→ 1 reactieTags: ·

Aantal presidentskandidaten loopt op

5 januari 2012 · Door Joep Altona · Algemeen

Met de voorverkiezingen in Iowa zou u in Nederland bijna vergeten dat er dit jaar ook in Frankrijk presidentsverkiezingen zijn. En nog veel eerder ook, de eerste ronde vindt plaats in april. Eind 2011 hebben twee nieuwe kandidaten zich gemeld: Hervé Morin en Dominique de Villepin.
Morin is nu burgemeester van Epaignes, kamerlid voor de Eure en voorzitter van de politieke partij Nouveau Centre. Van 2007 tot eind 2010 was hij minister van defensie onder het tandem Sarkozy/Fillon. Het wordt in regeringskringen dan ook niet gewaardeerd dat Morin zich kandidaat heeft gesteld. In de eerste ronde van de verkiezingen zal hij stemmen afsnoepen van Nicolas Sarkozy – als deze zich ooit nog kandidaat gaat stellen – en het voor de huidige president moeilijker maken de tweede ronde te halen.
Dominique de Villepin was voorheen lid van de UMP (partij van Sarkozy) en was onder Chirac minister van buitenlandse- en binnenlandse zaken en premier. Sarkozy en De Villepin waren al geen vrienden, de (zeer ingewikkelde) affaire Clearstream heeft hun relatie vervolgens geen goed gedaan. Na het ontslag van rechtsvervolging van De Villepin in deze zaak, stapte hij uit de UMP, richtte de beweging République Solidaire op en stelde zich na wikken en wegen uiteindelijk kandidaat.
Voor een overzicht van de andere kandidaten, zie het artikel van 6 november.

→ Geen reactiesTags: ·

2012

2 januari 2012 · Door de Redactie · Algemeen

Francofiel wenst al haar lezers een gezond en succesvol 2012

Tot ziens in Frankrijk

→ Geen reactiesTags:

Huisje verhuren?

13 december 2011 · Door Theo Noordewier · Algemeen, Onroerend, Vakantie

Ik kan me nog goed onze gezinsvakanties herinneren. Als zesjarige gingen we naar Borculo in de Achterhoek, in een huisje op een boerderij. Het was reuze gezellig; we sliepen allemaal in dezelfde kamer en na het opstaan werden eerst alle bedden opgeborgen voor het gezin aan het ontbijt kon. Als kind vond ik het geweldig, voor mijn ouders was het zo ongeveer het enige dat ze zich konden veroorloven. Zij beoordeelden die gezelligheid vast anders. Later hadden we op dezelfde boerderij een echt vakantiehuis met drie slaapkamers, dus dat was voor ons gezin met vijf kinderen riant. Ik kan me ook nog herinneren dat mijn escapades op de boerderij vaak aanleiding waren tot een verblijf in de wastobbe buiten de deur en dat mijn oudere broer in het kippenhok sliep en niet zelden door de zwaluwen werd ondergekakt. Het was altijd mooi weer en we verveelden ons nooit.

Mijn waardering en beleving van de situatie was gebaseerd op heel andere dingen dan luxe en voorzieningen. Ten tijde van die vakanties hadden we thuis geen TV die je zou kunnen missen en een grote zwarte bakelieten telefoon die nooit werd gebruikt. Er bestond nog geen contactdwang;  eenmaal aangekomen bleven wij zes weken, alleen mijn vader vertrok na een week of drie, want die moest werken. Die vakanties duurden lang en ze waren eindeloos.

Laatst ben ik er nog eens geweest. Hoewel nog levendig voor het geestesoog was er in de werkelijkheid niet veel van over;  de boerderij staat er nog, maar midden in een woonwijk, heeft een moderne uitstraling gekregen en als symbool van de vooruitgang staat er in de voormalige speeltuin een GSM zendmast.

Tja, vakanties van vandaag gaan er anders aan toe. Zonder een snelle internetverbinding kun je eigenlijk geen goede vakantie hebben. Een schotel in het buitenland om op de hoogte te blijven van het nieuws in Nederland, een DVD-speler met films voor als het weer wat minder is of dan minstens een Wii of Playstation.  De matrassen…  niet van die korte voor korte Franse mensen. Een beetje badkamer is voorzien van bubbels. Wie kan er nog een vuurtje stoken in de houtkachel? Hij gaat verdorie aldoor uit, nee, CV is voor de kille dagen wel een must…

Het is met weemoed dat ik moet vaststellen dat ik al aardig op leeftijd begin te raken en hoewel die vakanties in Borculo nog steeds glanzen in mijn geheugen moet ik eerlijk bekennen dat met z’n allen in één kamer slapen niet meer zo’n aantrekkingskracht op mij heeft. Ook dat bad buiten zie ik niet meer zo zitten en midden in de natuur, prima, maar ondergekakt worden hoeft van mij niet.

Bij Gites.nl hebben wij natuurlijk met de wensen van huurders te maken en het aanbod van eigenaren. Vaak komt dat prima bij elkaar en met een groot aanbod kun je altijd wel wat vinden dat geschikt is. Maar voor de meeste huurders geldt toch dat zelfs ‘primitief’ een aantal elementaire kenmerken moet hebben.

De Franse wet stelt minimale eisen aan het uitbaten van een vakantiehuis.

De wet schrijft voor dat die ’Meublés de Tourisme’ een eigen opgang moet hebben, er drinkbaar water uit de kraan moet komen (ook warm), dat er elektriciteit is, dat het verwarmd moet kunnen worden en eigen sanitair heeft. Om (vrijwillig) geklasseerd te worden als Meublé moet je de slaapkamers  –  voor een minimale klassering – ook nog kunnen afsluiten met een deur. Dat is nogal basaal allemaal en hiermee wordt de gemiddelde huurder niet over de drempel getrokken.

De Fransen zelf hadden tot voor kort een heel andere kijk op vakantie in eigen land. Dat beeld komt veel meer overeen met de vakanties uit mijn jeugd. Er was voor de Fransen niet zo’n luxe eis en bij ons in het dorp zie ik nog steeds stadse Fransen die de hele zomer doorbrengen in hun oude familiehuis in omstandigheden die de gemiddelde Nederlandse toerist nooit zou accepteren. Toch slaat ook hier de luxewens toe. Voorgedaan door succesvolle Engelse en Nederlandse verhuurders zijn ook de Franse eigenaren hun Meublés in rap tempo aan het opknappen om ze verhuurbaar te maken. Niemand wil meer in de afleggertjes van oma slapen, eten van een bonte verzameling verschillende borden en met bestek dat in vele decennia verzameld is op rommelmarkten. En de keuze is inmiddels zo groot, dat je als verhuurder wel lijkt te moeten meegaan in de nieuwe luxe- standaard.

Toch zijn er wel een paar aantekeningen te maken. Het huis van mijn dorpsgenote op de Causse, verstoken van bijna alle verbindingen; geen internet, geen telefoon, een lang en hobbelig zandpad naar de voordeur die na een flinke herfststorm nog maar moeilijk te bereiken is, geen TV, geen radio, geen ontvangst voor je mobieltje. Stromend water, maar lang niet altijd. Een vijver bij de deur met kikkers, maar geen blauw zwembad. Wat het huis wel heeft is veel ZEN en een prachtige ongerepte natuur. En wat het huis ook heeft… huurders. Zo’n twaalf weken per jaar gaat de buurvrouw in de garage van haar vriendin wonen en verhuurt aan een veelal Nederlandse doelgroep die de stress van het moeten communiceren wel eens wil ontvluchten. Niet zelden worden er traantjes geplengd bij het afscheid. In schril contrast staat op dezelfde Causse een super-de-luxe villa met alle moderne gemakken. Ook hier twaalf weken verhuur, maar natuurlijk wel voor een andere prijs.

Goed verhuren is niet zo gemakkelijk op te hangen aan een lijstje met voorzieningen.

Natuurlijk, het helpt als u breedband Internet aan kunt bieden en tijdens het EK voetbal bedient u een grote doelgroep met satelliet TV. Maar om dat voorwaarden voor goede verhuur te noemen gaat mij wat te ver. Er zijn zaken die in mijn optiek belangrijker zijn.

Eerlijke voorlichting

Een grote huurderergernis is, dat de werkelijkheid niet klopt met de marketing. Natuurlijk is iedere huiseigenaar trots op zijn bezit en vindt hij het een paradijs op aarde. Een eigenaar is dan ook bevooroordeeld en geneigd sommige defecten aan het huis over het hoofd te zien. Ze redden zich al een tijdje met de handafwas omdat de vaatwasser kapot is en zijn vergeten dit in hun marketinguitingen te melden; ‘Ach, wij redden ons zo ook best’. En het openbare zwembad is echt om de hoek dus eigenlijk hebben we een huis met zwembad. Of een andere misvatting: ‘U hebt bij ons volop privacy, u hoeft zich van ons namelijk niets aan te trekken’. Of:  wij gaan elk weekend skiën, ja hoor, wij zijn een echt skihuis. De dichtstbijzijnde skilift is ruim een uur in de auto…
Dit dan even los van het feit dat een voorstelling die een huurder zich maakt van een vakantiehuis vaak gekleurd is door zijn eigen wensen.

Schoon

De viezigheid van een ander is veel viezer dan die van je zelf. Een koelkast is een bewaarplaats van eten en restjes, maar bij aankomst wil je die natuurlijk niet aantreffen. Alle sporen van de vorige bewoners moeten er niet zijn: het is mijn (vakantie)huis voor veertien dagen.

Niche

In Frankrijk is het aanbod van vakantiehuizen de laatste twintig jaar meer dan verdubbeld, terwijl het aantal toeristen dat gebruik maakt van vakantiehuizen beperkt is toegenomen. Tegelijkertijd is de verhuurmarkt veranderd door het Internet. Het aanbod is echter zo groot geworden dat het vinden van een leuk huis heel erg lijkt op het staan in een snoepwinkel terwijl je maar één ding mag kiezen.
Het hebben van de ‘juiste’ voorzieningen is niet onderscheidend meer; meer dan de helft van de 4000 huizen op Gites.nl heeft een zwembad (en verhuurt niet beter of slechter dan de huizen zonder zwembad). Heeft bedden van minimaal 2 meter lang en heeft alle Nederlandse zenders op TV.
En er zijn niet veel streken in Frankrijk waar ADSL nog niet doorgedrongen is. Dus als het onderscheid op voorzieningenniveau er niet of nauwelijks is, dan moet de verhuurder zich op een andere manier onderscheiden. Mijn buurvrouw bijvoorbeeld, die koketteert met ZEN en weet een mooi maar eenvoudig huis   te vermarkten aan een doelgroep die zoekt naar natuur en kalmte.  Ze heeft een niche gevonden waar kennelijk markt voor is.
De kunst van het verhuren is bij uitstek een marketing-uitdaging… zijn de teksten waarmee ik mijn website voorzie of die ik op verhuursites zet wel uitnodigend? Schets ik ook met mij fotografie een eerlijk en aantrekkelijk beeld? Het zijn vooral die teksten waarmee u gevonden wordt in de zoekmachines, waar bijna alle vakanties tegenwoordig beginnen.

Inspanning

Marketing is een inspanning. Het is een proces van overtuigen en vraagt voortdurend aandacht. Het is meer dan een keer een website bakken of jezelf eens op verhuurwebsites aanmelden. Een huiseigenaar die bereid is die inspanning te leveren vindt in de miljoenen vakantiegangers die elk jaar weer naar Frankrijk trekken zeker belangstellenden voor zijn huis.

Theo Noordewier

(eerder geplubliceerd in Maison en France)

→ 1 reactieTags: